Projectvoorstelling Engelenburcht


Situering

Toen Paul De Troyer, begin 2013, betrokken werd bij de uitwerking van het Belevingscentrum over de Eerste Wereldoorlog, had hij voor Toeterdonk meteen het ambitieuze idee om het centrum “open te spelen” met een nieuw werk, geïnspireerd door de afschuwelijke gebeurtenissen in ons dorp (Tildonk) eind augustus 1914.

Soldaat Muzikant - Tekening: Dries De Troyer

Tekening: Dries De Troyer
11-nov-2013

Daartoe wilde hij opdracht geven voor het schrijven van een nieuw werk voor fanfare, maar dirigent/componist Simon Van Hoecke wilde de verwijzing naar de gruwelijke oorlog ondubbelzinnig en duidelijk versterkt door tekst, en visuele aankleding.

Dries De Troyer

Dries De Troyer

Voor de tekst spraken we Ann Van Dessel aan, tot nog toe de enige dorpsdichter die Haacht gehad heeft; voor het visuele gedeelte zou Dries De Troyer, één van onze jonge muzikanten, zorgen.

Beiden verdiepten zich in historisch onderzoek. Als eerste kwam een schets van de tekst klaar. Tegen de tijd dat Dries echter begon te tekenen was hij al ernstig ziek. Hij geraakte niet verder dan twee tekeningen – zijn laatste twee – op een pijnlijke, slapeloze nacht: die van 11 november 2013. Precies vier weken later overleed hij.

Het project viel stil.

Toen in 2014 echter het geweld en de letterlijk blinde haat in de wereld opflakkerden leek een boodschap voor het nu en later al even belangrijk te worden als de herdenking van ons verleden.

Ons project begon opnieuw te ademen. Simon en Ann startten een nauwe samenwerking die moet leiden tot een eerste voorstelling, voorzien op 23 april 2016, in het gebouwencomplex waarin ook het Belevingscentrum is gevestigd én waar Toeterdonk repeteert. Na het concert zal de luisteraar niet helemaal dezelfde meer zijn. Hij zal vertrekken met angst, verdriet, maar ook met hoop.

Deze muziek is complementair bedoeld aan een bezoek aan het belevingscentrum: de herbeleving van de zomer 1914 zal nu nog veel intenser zijn. Om dat gevoel permanent te kunnen aanbieden willen we in het najaar van 2016 een professioneel opgenomen cd presenteren.

Later willen we ook nog twee andere “martelaarsgemeenten” aandoen, beide gelegen op zowel de fiets- als de autolussen die WO I in Vlaams-Brabant gedenken: in 2017 in Halen, in 2018 in Rotselaar.

De Engelenburcht

Front Soldaat met Trombone - Tekening: Dries De Troyer

Frontsoldaat met trombone
Tekening: Dries De Troyer

Engelenburcht wordt een voorstelling van ca. 75 min. die vertelt hoe het dorp Tildonk W.O.I beleefde. Gaat een eerste keer door op 23 april in het belevingscentrum rond W.O. I in Tildonk met de naam… “Engelenburcht”.

We maken een niet-commerciële, maar eerlijke en niet geromantiseerde voorstelling met nieuwe tekst en nieuwe muziek. De inhoud primeert op spektakelwaarde; geen flashy musical dus, maar een sobere voorstelling. Tekst en muziek zijn echter wel kleurrijk en zeer genuanceerd. Het tempo van de afwisseling van de beelden – en van de voorstelling in het algemeen – is traag, en versterkt het indringende en intense karakter van het werk.

Thema’s die aan bod komen zijn: angst, geloof (dat wankelt, maar ook een enorme steun is), hoop, de dood en de gruwel van de oorlog; spijt en wroeging, herinnering en heimwee; eenzaamheid.

 


Toeterdonk

Toeterdonk is een jonge fanfare in elke zin van het woord. Al klinkt haar naam ludiek, toch kan men van Toeterdonk kwaliteit verwachten. Niet voor niets wordt deze groep regelmatig gevraagd door het gemeentebestuur om feestelijkheden en herdenkingen op te luisteren; ook de provincie nodigde haar al uit.

Rond haar tweede verjaardag won Toeterdonk toch ook eerst de Provinciale en nadien de Vlaamse wedstrijd van Vlamo, in haar categorie.

Simon Van Hoecke

Simon Van HoeckeSimon Van Hoecke (°1982) is onze dirigent. Een nààm in de koperblazerswereld, in binnen- en buitenland. Met zijn koperkwintet Eburon won hij de prestigieuze wedstrijd voor koperensembles in Lyon. Hij is vast verbonden aan het Orchestre Philharmonique du Luxembourg als solo-trompet maar ook graag gehoorde gast in andere internationale gezelschappen. Bovendien doceert hij trompet aan het Antwerpse Conservatorium.

Hoe professioneel ook, hij leidt met passie de “dorpsfanfare” uit Tildonk; de kwaliteit die hij dààr uithaalt is haast niet te geloven.

Eén van de geheimen van ons succes schuilt in de bewerkingen en composities die Simon speciaal voor Toeterdonk schrijft; op de meest efficiënte manier houdt hij rekening met de mogelijkheden van elke individuele muzikant.

Ann Van Dessel

Ann Van Dessel

Ann Van Dessel (° 1961) is afkomstig uit Sint-Kathelijne-Waver, maar woont al lang in Wespelaar. Beroepsmatig is ze op verschillende niveaus verweven met het onderwijs: van leerkracht buitengewoon onderwijs tot zorgcoördinator, en nu pedagogisch begeleidster.

Het is niet simpel om Ann voor te stellen. Het liefst noem ik haar een woordenwindvliegeraar zonder strikjesstaart. Bescheiden, sierlijk, steeds verrassend. Stapelt sinds 2008 nominaties en prijzen op. Was van 2011 tot 2013 dorpsdichter van Haacht.

Interview met Ann Van Dessel

Ann over haar bronnen:

“Toen Paul mij vroeg om de teksten te schrijven voor de Engelenburcht ging ik op zoek naar achtergrondinformatie. Ik wilde enerzijds de gruwelijke feiten juist weergeven, anderzijds wilde ik met woorden een sfeer scheppen die zo getrouw mogelijk de oorlogssfeer van toen benadert.

De meest interessante informatie vond ik bij Hagok (Haachtse geschieden oudheidkundige kring). Hagok heeft enkele bijzonder fraaie boeken over ons dorp in de oorlog uitgegeven. Daarin vond ik feiten en getuigenissen over de moord op de familie Valkenaers. Ik ging praten met de schrijvers van die boeken, die mij een zeer gedetailleerde beschrijving konden geven van die lugubere oorlogsdagen.

Om de juiste sfeer-van-toen te kunnen weergeven ging ik praten met mensen. Levende getuigen heb ik uiteraard niet meer gevonden, maar ik vond wel mensen die herinneringen hebben aan de levendige verhalen van hun ouders.”

Het verhaal van Ann vertelt over de angst voor de oprukkende vijand, in een klein dorp, met herkenbare mensen. In Tildonk kennen sommigen zowel hun naam als het verhaal van hun gruwelijke afslachting. Toch blijken de Duitsers niet geheel gevoelloos, maar “das Befehl” beheerst hun doen.

“In de teksten geef ik stem aan alle verschillende partijen: aan de directe slachtoffers, aan mensen uit de buurt (een cafébazin, een buurvrouw, een woedende burger…) aan de pastoor, aan een Duitse soldaat met wroeging, aan een kind,…

De eerste versie van de teksten heb ik aan Simon bezorgd, die de muziek zou schrijven.”

Simon over zijn muziek:

“Tijdens het schetsen van de eerste ideeën voor de muziek voelde ik meteen dat het voor mij meer dan entertainment moest zijn.
Wat hiervan aan de basis ligt zijn niet alleen de teksten die Ann me bezorgde, maar nog meer – denk ik – het aangrijpende nieuws van de ziekte van Dries. Het kwam voor ons allemaal hard aan. De gevoelens die door me heen gingen gedurende de lange periode vanaf de diagnose tot vandaag blijven nog steeds onopzettelijk verbonden met de inhoud van dit project. Dat verband is niet zo vreemd, met thema’s als angst, hoop, dood, geloof, herinnering…

De degelijkheid van de compositie, de authenticiteit ervan en de onderliggende boodschappen zijn heel belangrijk. Niet zozeer als ondersteunende muziek bij de tekst, maar veeleer als een diepgaand werk, dat op zichzelf kan staan en waardevol is als kunstwerk doordat men er dingen in kan ontdekken, die zich niet meteen blootgeven, en dat geschoeid is op een traditionele symfonische leest.”

Simon gebruikt ideeën en technieken van grootmeesters, maar kopieert ze niet.

  • Het motief van de kleine trom, die de dreiging van de Duitse inval in Rusland voorstelt (weliswaar in WO II) in de 7de (Oorlogs-)symfonie van Shostakowich, wordt bij Simon inspiratie voor de Duitse invasie in België.
  • Waar Tchaikowsky in zijn 1812-Ouverture de Marseillaise en het Russische volkslied met mekaar in duel laat treden doet Simon hetzelfde met de Brabançonne (of fragmentjes ervan) en het Duitse volkslied (zoals bekend nà de WO I).
  • In de tekst van Ann zingt een klein meisje tijdens haar ondervraging door de bezetter “Vogeltje, gij zijn gevangen”. Simon zet het liedje in mineur, en construeert er een treurmars rond, zoals Mahler in zijn 1ste symfonie doet met “Broeder Jacob”.

Er zit meer in de muziek dan tijdens een eerste beluistering gehoord wordt. Daarom maken we de “geheimen” van de partituur op voorhand kenbaar aan het publiek; zo steunt het verhaal net zoveel op de muziek als op de tekst. Vóór de aanvang van het concert krijgt de luisteraar een inleiding op het geheel. Niet te uitgebreid, zodat de voorstelling niet kapot geanalyseerd wordt, maar aan de hand van luistervoorbeelden met een klein groepje muzikanten. Zo wordt voor een doorsnee HaFaBra publiek (en ook voor de uitvoerders uiteraard) de diepgang en kracht van muziek duidelijk gemaakt. Een absolute meerwaarde voor ons.

Daarnaast is de inhoud en stijl van de compositie gesneden naar het niveau van de uitvoerders. Niet zozeer in de hoogste afdelingen, maar zeker wel in de lagere en vaak ook in uitmuntendheid vinden we weinig echt uitgebreide en diepgaande werken. De “Engelenburcht” (toch bijna ongeveer een uur nieuwe muziek) is zo geconcipieerd dat ze door verschillende bezettingen kan gespeeld worden, ook door orkesten van een lagere afdeling. Ook dit is een muzikale meerwaarde.